00:00:12
Energie is essentieel voor leven op aarde.00:00:16
00:00:18
Alles wat leeft moet energie opnemen
en die zo goed mogelijk reguleren.00:00:25
00:00:27
Zo kunnen dieren
extreme temperaturen verdragen...00:00:30
00:00:31
zich razendsnel verplaatsen...00:00:33
00:00:33
en grote afstanden afleggen.00:00:35
00:00:39
De reuzenalbatros vliegt duizenden kilometers
om voedsel te vinden.00:00:44
00:00:46
Hij kan daarbij dagen achter elkaar
in de lucht blijven...00:00:49
00:00:49
waarbij hij nauwelijks
met z’n vleugels slaat.00:00:52
00:00:52
Hoe doet hij dat?00:00:54
00:00:54
Hij zweeft in de wind...00:00:56
00:00:56
en als in een achtbaan
duikt hij richting het water...00:01:00
00:01:00
keert dan om en schiet weer omhoog,
opnieuw en opnieuw.00:01:04
00:01:05
Dit efficiënte gebruik van windenergie
staat bekend als dynamisch zweven.00:01:12
00:01:14
De albatros heeft de grootste spanwijdte
van alle vogels...00:01:19
00:01:19
zo’n drieënhalve meter.00:01:21
00:01:23
Hij heeft in beide schouders
een speciale pees...00:01:26
00:01:26
waarmee hij z’n vleugels
in gespreide stand op slot kan zetten...00:01:29
00:01:30
vergelijkbaar met de onbeweeglijke vleugels
van een vliegtuig.00:01:34
00:01:34
Daardoor kan hij z’n lange vleugels
gespreid houden zonder moe te worden...00:01:39
00:01:39
en kan hij praktisch eindeloos
in de lucht blijven.00:01:43
00:01:48
Andere vogels
springen zorgvuldig met hun energie om...00:01:51
00:01:52
om in koude omstandigheden warm te blijven.00:01:55
00:01:55
Ze kunnen heel lang achter elkaar
op het ijs staan of lopen...00:01:59
00:01:59
zonder te bevriezen.00:02:01
00:02:01
Hoe doen ze dat?00:02:03
00:02:05
Bij hun bloedsomloop
wordt er warmte overgedragen...00:02:09
00:02:09
volgens het tegenstroomprincipe.00:02:12
00:02:12
Als een warme vloeistof...00:02:14
00:02:14
in dezelfde richting stroomt
als een koude vloeistof...00:02:18
00:02:18
wordt in het gunstigste geval slechts
de helft van de warmte overgebracht.00:02:22
00:02:22
Maar als de vloeistoffen
in tegengestelde richting stromen...00:02:27
00:02:27
wordt bijna alle warmte overgebracht.00:02:29
00:02:31
Zeemeeuwen, ganzen en pinguïns
hebben allemaal aderen en slagaderen...00:02:36
00:02:36
waarbij dit proces plaatsvindt.00:02:38
00:02:39
Dit zeer efficiënte systeem...00:02:41
00:02:41
houdt het lichaam van deze vogels
op temperatuur...00:02:44
00:02:44
en zorgt voor net genoeg warmte
om te voorkomen dat hun pootjes bevriezen.00:02:50
00:02:51
Maar hoe zit het met dieren die juist
met extreme hitte te maken hebben?00:02:55
00:02:55
Zij moeten hun warmte niet vasthouden
maar juist kwijtraken.00:02:59
00:03:00
Hoe doen ze dat?00:03:01
00:03:01
De zilvermier in de Sahara
leeft in een van de heetste gebieden op aarde.00:03:08
00:03:10
Op de plekken
waar ze naar voedsel zoeken...00:03:13
00:03:13
kan de temperatuur van het zand oplopen
tot wel 70 graden Celsius.00:03:19
00:03:19
Om te overleven,
moeten ze hun energie goed reguleren.00:03:24
00:03:24
Ze weerkaatsen licht en voeren warmte af.00:03:28
00:03:28
Het geheim zit in hun haar.00:03:31
00:03:31
Terwijl sommige dieren op hun vacht vertrouwen
om warm te blijven...00:03:35
00:03:35
gebruikt de zilvermier z’n haartjes
om koel te blijven.00:03:39
00:03:39
De haartjes van de mier
zijn piepkleine buisjes...00:03:42
00:03:42
met een driehoekig profiel.00:03:44
00:03:44
Als zorgvuldig gemaakte prisma’s
weerkaatsen ze het warme zonlicht...00:03:50
00:03:50
en voeren ze de warmte af.00:03:52
00:03:54
Wetenschappers denken dat de zilvermier
beter tegen warmte kan...00:03:58
00:03:58
dan welk ander dier dan ook.00:04:01
00:04:04
We zien in de natuur
dat dieren energie bijzonder efficiënt...00:04:08
00:04:08
kunnen besparen, opslaan en reguleren.00:04:13
00:04:14
Wat denk jij?00:04:16
00:04:16
Is het vermogen van dieren om energie
te reguleren door evolutie ontstaan?00:04:21
00:04:21
Of:00:04:22
Is het ontworpen? Het vermogen van dieren om energie te reguleren
-
Is het ontworpen? Het vermogen van dieren om energie te reguleren
Energie is essentieel voor leven op aarde.
Alles wat leeft moet energie opnemen
en die zo goed mogelijk reguleren.
Zo kunnen dieren
extreme temperaturen verdragen...
zich razendsnel verplaatsen...
en grote afstanden afleggen.
De reuzenalbatros vliegt duizenden kilometers
om voedsel te vinden.
Hij kan daarbij dagen achter elkaar
in de lucht blijven...
waarbij hij nauwelijks
met z’n vleugels slaat.
Hoe doet hij dat?
Hij zweeft in de wind...
en als in een achtbaan
duikt hij richting het water...
keert dan om en schiet weer omhoog,
opnieuw en opnieuw.
Dit efficiënte gebruik van windenergie
staat bekend als dynamisch zweven.
De albatros heeft de grootste spanwijdte
van alle vogels...
zo’n drieënhalve meter.
Hij heeft in beide schouders
een speciale pees...
waarmee hij z’n vleugels
in gespreide stand op slot kan zetten...
vergelijkbaar met de onbeweeglijke vleugels
van een vliegtuig.
Daardoor kan hij z’n lange vleugels
gespreid houden zonder moe te worden...
en kan hij praktisch eindeloos
in de lucht blijven.
Andere vogels
springen zorgvuldig met hun energie om...
om in koude omstandigheden warm te blijven.
Ze kunnen heel lang achter elkaar
op het ijs staan of lopen...
zonder te bevriezen.
Hoe doen ze dat?
Bij hun bloedsomloop
wordt er warmte overgedragen...
volgens het tegenstroomprincipe.
Als een warme vloeistof...
in dezelfde richting stroomt
als een koude vloeistof...
wordt in het gunstigste geval slechts
de helft van de warmte overgebracht.
Maar als de vloeistoffen
in tegengestelde richting stromen...
wordt bijna alle warmte overgebracht.
Zeemeeuwen, ganzen en pinguïns
hebben allemaal aderen en slagaderen...
waarbij dit proces plaatsvindt.
Dit zeer efficiënte systeem...
houdt het lichaam van deze vogels
op temperatuur...
en zorgt voor net genoeg warmte
om te voorkomen dat hun pootjes bevriezen.
Maar hoe zit het met dieren die juist
met extreme hitte te maken hebben?
Zij moeten hun warmte niet vasthouden
maar juist kwijtraken.
Hoe doen ze dat?
De zilvermier in de Sahara
leeft in een van de heetste gebieden op aarde.
Op de plekken
waar ze naar voedsel zoeken...
kan de temperatuur van het zand oplopen
tot wel 70 graden Celsius.
Om te overleven,
moeten ze hun energie goed reguleren.
Ze weerkaatsen licht en voeren warmte af.
Het geheim zit in hun haar.
Terwijl sommige dieren op hun vacht vertrouwen
om warm te blijven...
gebruikt de zilvermier z’n haartjes
om koel te blijven.
De haartjes van de mier
zijn piepkleine buisjes...
met een driehoekig profiel.
Als zorgvuldig gemaakte prisma’s
weerkaatsen ze het warme zonlicht...
en voeren ze de warmte af.
Wetenschappers denken dat de zilvermier
beter tegen warmte kan...
dan welk ander dier dan ook.
We zien in de natuur
dat dieren energie bijzonder efficiënt...
kunnen besparen, opslaan en reguleren.
Wat denk jij?
Is het vermogen van dieren om energie
te reguleren door evolutie ontstaan?
Of:
-