00:00:11
Daarna gingen ze Kapernaüm in.00:00:14
00:00:16
Zodra het sabbat was,
ging hij de synagoge in en begon te onderwijzen.00:00:23
00:00:24
Ze waren diep onder de indruk
van zijn manier van onderwijzen...00:00:28
00:00:28
want hij onderwees hen als iemand met gezag,
en niet zoals de schriftgeleerden.00:00:35
00:00:36
Er was op dat moment een man in de synagoge
die in de macht was van een onreine geest.00:00:42
00:00:46
En jullie zullen versteld staan.00:00:49
00:00:56
Wat hebben we met jou te maken,
Jezus de Nazarener?00:01:02
00:01:02
Ben je gekomen om ons te vernietigen?00:01:05
00:01:05
Ik weet precies wie je bent:
de Heilige van God.00:01:10
00:01:10
Wees stil...00:01:12
00:01:12
en ga uit hem weg!00:01:15
00:01:19
De onreine geest liet de man stuiptrekken,
schreeuwde luid...00:01:26
00:01:26
en verliet hem.00:01:29
00:01:51
De mensen waren allemaal zo verbaasd
dat ze tegen elkaar zeiden:00:01:57
00:01:59
Wat is dit?00:02:01
00:02:02
Een nieuwe leer!00:02:05
00:02:05
Hij heeft zelfs gezag over onreine geesten
en ze gehoorzamen zijn bevelen.00:02:13
00:02:13
Het nieuws over hem
verbreidde zich snel over heel Galilea.00:02:19
00:02:19
Ongelooflijk!00:02:21
00:02:21
Daarop verlieten ze de synagoge
en gingen naar het huis van Simon en Andreas...00:02:26
00:02:26
samen met Jakobus en Johannes.00:02:29
00:03:05
Simons schoonmoeder had hoge koorts.00:03:10
00:03:47
En ze vroegen Jezus of hij haar wilde helpen.00:03:51
00:04:18
Hij boog zich over haar heen.00:04:21
00:04:21
Koorts! Ga uit haar weg!00:04:24
00:04:24
En sprak de koorts bestraffend toe.00:04:27
00:04:48
Waarop de koorts verdween.00:04:51
00:04:53
Ze stond meteen op...00:04:55
00:05:01
en ging hen bedienen.00:05:03
00:05:19
Toen de zon onderging...00:05:22
00:05:22
brachten de mensen hun zieken,
die aan allerlei kwalen leden, naar hem toe.00:05:28
00:05:34
Heer, help ons. 00:05:36
00:05:36
Rabbi, alstublieft. Help me.00:05:42
00:05:42
Alsjeblieft help me toch.00:05:44
00:05:44
Rabbi!
-Heer, wilt u me helpen?00:05:49
00:05:49
Rabbi!00:05:50
00:05:53
Hij genas de zieken...00:05:55
00:05:55
door zijn handen op elk van hen te leggen.00:05:59
00:06:03
Zo ging in vervulling
wat via de profeet Jesaja was gezegd:00:06:07
00:06:07
Hij heeft onze ziekten op zich genomen
en onze kwalen gedragen.00:06:14
00:06:25
Ook gingen uit veel mensen demonen weg,
die schreeuwden:00:06:28
00:06:28
Jij bent de Zoon van God.00:06:34
00:06:34
Zwijg en ga uit hem weg.00:06:38
00:06:38
Maar hij bestrafte ze
en stond hun niet toe iets te zeggen...00:06:42
00:06:42
omdat ze wisten dat hij de Christus was.00:06:46
00:07:26
Vroeg in de morgen, toen het nog donker was...00:07:33
00:07:33
stond hij op en ging naar buiten...00:07:37
00:07:37
naar een afgelegen plaats.00:07:40
00:07:53
Daar ging hij bidden.00:07:57
00:08:09
Heer, help ons! Doe open!00:08:12
00:08:12
Jezus, alstublieft!
Doe open! Bent u daar?00:08:17
00:08:17
Alstublieft, help ons toch! Heer!00:08:21
00:08:21
Kunt u me helpen?00:08:23
00:08:23
Het spijt me.00:08:26
00:08:39
Maar Simon en de anderen die bij hem waren,
gingen naar hem op zoek...00:08:44
00:08:47
en vonden hem.00:08:50
00:09:05
Iedereen zoekt je!00:09:07
00:09:17
Laten we ergens anders naartoe gaan...00:09:19
00:09:19
naar de dorpen in de buurt...00:09:22
00:09:23
zodat ik ook daar kan prediken...00:09:26
00:09:32
want daarvoor ben ik gekomen.00:09:35
00:09:49
Hij reisde rond door heel Galilea...00:09:52
00:09:52
gaf onderwijs in de synagogen...00:09:56
00:09:56
en predikte het goede nieuws van het Koninkrijk.00:10:00
00:10:09
Ook genas hij elke ziekte
en elke kwaal onder het volk.00:10:15
00:11:41
Het nieuws over hem
verspreidde zich in heel Syrië.00:11:46
00:11:46
Ze brachten alle mensen bij hem
die ziek waren en pijn leden...00:11:51
00:11:51
mensen die door demonen bezeten waren...00:11:54
00:11:54
mensen met epileptische aanvallen en verlamden...00:11:58
00:12:01
en hij genas hen.00:12:03
00:12:24
Ga uit haar weg!00:12:27
00:13:03
Je bent bevrijd.00:13:05
00:13:31
Daarom volgden grote groepen mensen hem...00:13:35
00:13:35
vanuit Galilea, de Dekapolis...00:13:39
00:13:41
Jeruzalem en Judea...00:13:44
00:13:44
en van de overkant van de Jordaan.00:13:48
00:14:35
Hij is melaats! Onrein!
Een melaatse! Onrein!00:14:40
00:14:40
Melaats! Onrein!00:14:45
00:14:53
Er kwam ook een melaatse naar hem toe...00:14:57
00:15:04
die zelfs op zijn knieën viel en hem smeekte:00:15:08
00:15:09
Als u het alleen maar wilt...00:15:12
00:15:17
kunt u me rein maken.00:15:19
00:15:22
Jezus had medelijden met hem...00:15:26
00:15:26
stak zijn hand uit...00:15:28
00:15:30
en raakte hem aan.00:15:32
00:15:37
Ik wil het!00:15:39
00:15:43
Word rein.00:15:45
00:15:54
Onmiddellijk verdween zijn melaatsheid...00:15:59
00:16:09
en hij werd rein.00:16:12
00:16:29
Jezus stuurde hem meteen weg
met de duidelijke waarschuwing:00:16:35
00:16:36
Denk erom dat je het aan niemand vertelt...00:16:40
00:16:40
maar ga je aan de priester laten zien...00:16:42
00:16:42
en breng het offer voor je reiniging
dat Mozes heeft voorgeschreven...00:16:47
00:16:47
als teken voor hen.00:16:49
00:16:51
Maar eenmaal vertrokken...00:16:53
00:16:53
ging de man het verhaal
overal breeduit rondvertellen...00:16:58
00:16:58
zodat Jezus niet meer openlijk
een stad kon binnengaan.00:17:03
00:17:03
Daarom bleef hij
op afgelegen plaatsen buiten de steden.00:17:08
00:17:08
Toch bleven de mensen
van alle kanten naar hem toe komen.00:17:12
00:17:15
Toch trok hij zich vaak
op een eenzame plaats terug om te bidden.00:17:20
00:17:27
Na een aantal dagen kwam hij weer in Kapernaüm...00:17:31
00:17:31
en het werd bekend dat hij thuis was.00:17:34
00:17:34
Er verzamelden zich zoveel mensen...00:17:37
00:17:37
dat er zelfs buiten
voor de deur geen plaats meer was...00:17:41
00:17:41
en hij ging hun het woord bekendmaken.00:17:45
00:17:52
Toen werd er een verlamde man bij hem gebracht,
die door vier mannen werd gedragen.00:17:58
00:18:01
Vanwege de menigte
konden ze hem niet vlak bij Jezus brengen.00:18:06
00:18:14
Echt, ik verzeker jullie:
er komt een tijd, en die is er al...00:18:19
00:18:19
dat de doden de stem van de Zoon...00:18:22
00:18:24
dat de doden...00:18:26
00:19:07
Daarom verwijderden ze
een stuk van het dak boven Jezus' hoofd.00:19:12
00:19:12
Nadat ze een opening hadden gegraven...00:19:15
00:19:15
lieten ze het draagbed
waarop de verlamde man lag naar beneden zakken.00:19:19
00:19:19
Maak hem los.00:19:21
00:19:32
Toen Jezus hun geloof zag
zei hij tegen de verlamde:00:19:38
00:19:38
Mijn zoon...00:19:40
00:19:43
je zonden zijn je vergeven.00:19:45
00:19:47
Sommige schriftgeleerden die daar zaten,
dachten bij zichzelf:00:19:53
00:19:53
Hoe kan die man zoiets zeggen?00:19:56
00:19:56
Hij lastert.00:19:59
00:19:59
Niemand kan toch zonden vergeven behalve God?00:20:03
00:20:05
Maar Jezus had meteen in de gaten
waar ze het met elkaar over hadden...00:20:11
00:20:11
en zei tegen ze: Waarom denken jullie zo?00:20:16
00:20:19
Wat is makkelijker?
Tegen de verlamde man te zeggen:00:20:23
00:20:23
Je zonden zijn je vergeven...00:20:25
00:20:26
of: Sta op, pak je draagbed op en loop?00:20:30
00:20:30
Maar om jullie te laten zien dat de Mensenzoon
de macht heeft om op aarde zonden te vergeven.00:20:38
00:20:46
Ik zeg je:
Sta op, pak je draagbed op en ga naar huis.00:20:55
00:21:32
Loof Jah! Ongelooflijk!00:21:36
00:21:41
De man stond op, pakte meteen zijn draagbed
en liep voor de ogen van iedereen naar buiten.00:21:48
00:21:56
Ze stonden allemaal versteld en ze eerden God
en zeiden: Zoiets hebben we nog nooit gezien.00:22:05
00:22:32
Hij ging weer naar buiten en liep langs het meer.00:22:36
00:22:38
Er bleven grote groepen mensen naar hem toe komen,
en hij ging hen onderwijzen.00:22:45
00:23:25
Daarna ging Jezus verder...00:23:27
00:23:28
en bij het belastingkantoor
zag hij een man zitten die Mattheüs heette.00:23:33
00:23:33
Hij zei tegen hem:00:23:35
00:23:36
Wees mijn volgeling.00:23:38
00:23:47
Hij stond op en volgde hem.00:23:50
00:24:23
Later waren Jezus en zijn discipelen
in Levi's huis aan het eten...00:24:29
00:24:32
en veel belastinginners
en zondaars aten met hen mee...00:24:37
00:24:40
want velen van hen volgden hem.00:24:44
00:24:51
De schriftgeleerden van de farizeeën zagen hem
met de zondaars en de belastinginners eten...00:24:58
00:25:00
en zeiden tegen zijn discipelen:
Eet hij met belastinginners en zondaars?00:25:07
00:25:18
Gezonde mensen hebben geen dokter nodig...00:25:22
00:25:25
maar de zieken wel.00:25:27
00:25:31
Ga en denk goed na
over de betekenis van deze woorden...00:25:35
00:25:36
ik wil barmhartigheid...00:25:39
00:25:40
en geen slachtoffers.00:25:43
00:25:53
Ik ben niet gekomen...00:25:56
00:25:59
om rechtvaardige mensen tot berouw te brengen...00:26:03
00:26:03
maar zondaars.00:26:05
00:27:08
Toen kwamen de discipelen van Johannes bij hem.00:27:12
00:27:13
Waarom hebben wij en de farizeeën
de gewoonte om te vasten...00:27:17
00:27:20
maar uw discipelen niet?00:27:23
00:27:32
De vrienden van de bruidegom
hebben toch geen reden om te treuren...00:27:36
00:27:36
als de bruidegom nog bij ze is?00:27:38
00:27:38
Wie de bruid heeft, is de bruidegom. 00:27:42
00:27:42
Maar de vriend van de bruidegom...00:27:45
00:27:45
die erbij staat en hem hoort,
is heel blij vanwege de stem van de bruidegom.00:27:54
00:28:01
Maar er komt een tijd
dat de bruidegom bij ze wordt weggehaald.00:28:06
00:28:11
Dan zullen ze vasten.00:28:13
00:28:14
Niemand verstelt een oud bovenkleed
met een lap stof die nog niet gekrompen is...00:28:19
00:28:19
want dan scheurt de nieuwe lap
van het kleed af en wordt de scheur nog groter.00:28:23
00:28:23
Je doet toch ook geen nieuwe wijn
in oude wijnzakken?00:28:28
00:28:30
Als je dat wel doet, barsten de wijnzakken...00:28:33
00:28:33
loopt de wijn eruit
en worden de wijnzakken onbruikbaar.00:28:39
00:28:39
Nieuwe wijn doe je in nieuwe wijnzakken...00:28:43
00:28:43
dan blijven beide goed.00:28:46
00:28:55
Niemand die oude wijn heeft gedronken,
wil nieuwe wijn...00:28:58
00:28:59
want hij zegt: De oude is lekker.00:29:02
00:29:24
Hij ging daarom
in de synagogen van Judea prediken.00:29:28
00:29:49
Daarna was er een feest van de Joden,
en Jezus ging naar Jeruzalem.00:29:55
00:30:06
In Jeruzalem is bij de Schaapspoort
een bassin met vijf zuilengangen...00:30:12
00:30:12
dat in het Hebreeuws Bethzatha heet.00:30:16
00:30:19
Daar lag een groot aantal zieken, blinden,
kreupelen en mensen met misvormde ledematen.00:30:28
00:30:31
Er was daar ook een man die al 38 jaar ziek was.00:30:37
00:30:50
Jezus zag de man liggen
en wist dat hij al heel lang ziek was.00:30:56
00:30:58
Daarom zei hij tegen hem:00:31:00
00:31:00
Wil je gezond worden?00:31:03
00:31:08
Mijnheer, ik heb niemand die mij
in het bassin helpt als het water gaat bewegen.00:31:15
00:31:17
Ik ben nauwelijks onderweg...00:31:22
00:31:22
of een ander is me al voor.00:31:25
00:31:38
Sta op!00:31:39
00:32:14
Pak je mat op...00:32:16
00:32:16
en loop.00:32:18
00:32:22
Meteen werd de man gezond.00:32:26
00:32:51
Hij pakte zijn mat op en begon te lopen.00:32:56
00:33:17
Het was die dag sabbat.00:33:21
00:33:21
Daarom zeiden de Joden
tegen de man die genezen was:00:33:25
00:33:25
Het is sabbat, en dan mag je geen mat dragen.00:33:31
00:33:32
Degene die me heeft genezen, zei tegen me:
Pak je mat op en loop.00:33:39
00:33:39
Wie is de man die tegen je zei:
Pak je mat op en loop?00:33:45
00:33:46
Maar de man die genezen was,
wist niet wie het was...00:33:51
00:33:51
want Jezus was in de menigte verdwenen.00:33:55
00:34:09
Later trof Jezus hem in de tempel aan...00:34:13
00:34:15
en zei tegen hem:00:34:17
00:34:18
Je bent weer gezond.00:34:20
00:34:23
Zondig niet meer,
anders zal je iets ergers overkomen.00:34:28
00:34:32
De man ging weg en vertelde de Joden dat het
Jezus was die hem gezond had gemaakt.00:34:39
00:34:41
Het was omdat Jezus die dingen op de sabbat deed
dat de Joden hem vervolgden.00:34:48
00:34:51
Mijn Vader is tot nu toe blijven werken...00:34:55
00:34:55
en ik blijf werken.00:34:57
00:34:59
Om die reden waren de Joden
er nog meer op uit om hem te doden...00:35:03
00:35:03
niet alleen omdat hij de sabbat schond,
maar ook omdat hij God zijn eigen Vader noemde...00:35:08
00:35:08
waarmee hij zichzelf aan God gelijk maakte.00:35:11
00:35:13
Echt, ik verzeker jullie:
de Zoon kan niets uit zichzelf doen...00:35:20
00:35:21
maar alleen wat hij de Vader ziet doen.00:35:24
00:35:24
Want alles wat de Vader doet,
dat doet de Zoon op dezelfde manier.00:35:30
00:35:30
Want de Vader is gehecht aan de Zoon
en laat hem alle dingen zien die hij zelf doet.00:35:37
00:35:38
Hij zal hem grotere dingen laten zien dan dit,
en jullie zullen versteld staan.00:35:44
00:35:44
Want net zoals de Vader
de doden opwekt en levend maakt...00:35:50
00:35:50
zo maakt ook de Zoon levend wie hij wil.00:35:54
00:35:56
Want de Vader oordeelt helemaal niemand...00:36:00
00:36:00
maar hij heeft het hele oordeel
aan de Zoon toevertrouwd...00:36:04
00:36:04
zodat alle mensen de Zoon eren
zoals ze de Vader eren.00:36:11
00:36:11
Wie de Zoon niet eert...00:36:14
00:36:14
eert de Vader niet die hem heeft gestuurd.00:36:17
00:36:19
Echt, ik verzeker jullie:00:36:21
00:36:21
wie mijn woorden hoort
en hem gelooft die mij heeft gestuurd...00:36:27
00:36:27
heeft eeuwig leven.00:36:31
00:36:31
Hij wordt niet veroordeeld
maar is van de dood overgegaan naar het leven.00:36:37
00:36:41
Echt, ik verzeker jullie:
er komt een tijd, en die is er al...00:36:46
00:36:46
dat de doden
de stem van de Zoon van God zullen horen...00:36:51
00:36:51
en zij die hebben geluisterd
en gehoorzaamd, zullen leven.00:36:56
00:36:56
Want de Vader heeft leven in zichzelf...00:36:59
00:36:59
en heeft het mogelijk gemaakt
dat ook de Zoon leven in zichzelf heeft.00:37:05
00:37:05
En hij heeft hem gezag gegeven om te oordelen,
omdat hij de Mensenzoon is.00:37:11
00:37:15
Verbaas je daar niet over...00:37:18
00:37:18
want de tijd komt dat alle mensen
die in de herinneringsgaven zijn...00:37:23
00:37:23
zijn stem zullen horen
en te voorschijn zullen komen...00:37:28
00:37:28
wie goede dingen hebben gedaan
tot een opstanding voor leven...00:37:32
00:37:34
en wie walgelijke dingen hebben gedaan...00:37:36
00:37:37
tot een opstanding voor oordeel.00:37:40
00:37:41
Ik kan niets uit mezelf doen.00:37:45
00:37:46
Ik oordeel naar wat ik hoor...00:37:49
00:37:50
en mijn oordeel is rechtvaardig omdat
ik me niet laat leiden door mijn eigen wil...00:37:55
00:37:56
maar door de wil van hem die mij heeft gestuurd.00:37:59
00:38:02
Als alleen ik over mezelf zou getuigen,
zou mijn getuigenis niet waar zijn.00:38:08
00:38:10
Maar er is een ander die over mij getuigt...00:38:13
00:38:13
en ik weet dat zijn getuigenis over mij waar is.00:38:18
00:38:23
Jullie hebben mensen naar Johannes gestuurd...00:38:26
00:38:26
en hij heeft van de waarheid getuigd.00:38:29
00:38:29
Niet dat ik het getuigenis
van een mens nodig heb...00:38:32
00:38:32
maar ik zeg deze dingen
zodat jullie gered kunnen worden.00:38:36
00:38:38
Die man was een helder brandende lamp...00:38:44
00:38:44
en een korte tijd
wilden jullie van zijn licht genieten.00:38:48
00:38:50
Maar ik heb een belangrijker getuigenis
dan dat van Johannes.00:38:54
00:38:55
Het werk dat mijn Vader me heeft opgedragen...00:38:59
00:38:59
het werk dat ik doe,
dat getuigt ervan dat de Vader mij heeft gestuurd.00:39:05
00:39:06
En de Vader die mij heeft gestuurd,
heeft zelf over mij getuigd.00:39:11
00:39:13
Jullie hebben zijn stem nooit gehoord...00:39:17
00:39:18
en zijn gestalte nooit gezien...00:39:20
00:39:26
en jullie hebben zijn woord niet in je hart,
want degene die hij heeft gestuurd geloven jullie niet.00:39:33
00:39:36
Jullie onderzoeken de schrift omdat jullie denken
dat jullie daardoor eeuwig leven zullen hebben.00:39:42
00:39:42
Maar juist die getuigt over mij.00:39:46
00:39:47
En toch willen jullie niet
bij mij komen om leven te ontvangen.00:39:51
00:39:52
Ik ben niet uit op de eer van mensen...00:39:54
00:39:56
maar ik weet heel goed dat jullie
geen liefde voor God in jullie hebben.00:40:02
00:40:04
Ik ben gekomen in de naam van mijn Vader...00:40:07
00:40:08
maar jullie aanvaarden mij niet.00:40:10
00:40:10
Als iemand anders in zijn eigen naam kwam,
zouden jullie hem wel aanvaarden.00:40:15
00:40:17
Hoe kunnen jullie geloven als jullie
eropuit zijn om te worden geëerd door elkaar...00:40:23
00:40:23
maar geen moeite doen
om te worden geëerd door de enige God?00:40:27
00:40:28
Denk niet dat ik jullie
bij de Vader zal aanklagen.00:40:31
00:40:32
Degene die jullie aanklaagt...00:40:35
00:40:36
is Mozes...00:40:38
00:40:39
op wie jullie je hoop hebben gevestigd.00:40:43
00:40:43
Trouwens, als jullie Mozes zouden geloven...00:40:46
00:40:46
zouden jullie mij geloven,
want hij heeft over mij geschreven.00:40:51
00:40:52
Maar als jullie niet geloven
wat hij heeft geschreven...00:40:56
00:40:56
hoe zullen jullie dan geloven wat ik zeg?00:40:59
00:42:11
Op een sabbat...00:42:13
00:42:13
liep Jezus door de graanvelden...00:42:16
00:42:19
en zijn discipelen
begonnen onderweg aren te plukken.00:42:23
00:42:48
Kijk eens!
Waarom doen ze iets wat op de sabbat verboden is?00:42:53
00:43:05
Hebben jullie nooit gelezen wat David deed
toen hij niets te eten had...00:43:09
00:43:09
en hij en zijn mannen honger hadden?00:43:11
00:43:11
Volgens het verslag
over de overpriester Abjathar...00:43:15
00:43:15
ging hij het huis van God binnen
en at van de toonbroden...00:43:20
00:43:20
terwijl het niemand is toegestaan
daarvan te eten behalve de priesters.00:43:25
00:43:25
En hij liet ook zijn mannen ervan eten.00:43:27
00:43:28
Of hebben jullie niet in de wet gelezen
dat de priesters op de sabbat...00:43:33
00:43:33
in de tempel de sabbat ontwijden
en toch onschuldig blijven?00:43:37
00:43:39
Maar ik zeg jullie
dat hier iets groters is dan de tempel.00:43:43
00:43:44
Als jullie de betekenis
van deze woorden hadden begrepen:00:43:48
00:43:48
Ik wil barmhartigheid en geen slachtoffers...00:43:52
00:43:52
zouden jullie onschuldige mensen
niet hebben veroordeeld.00:43:56
00:43:58
De sabbat is gemaakt voor de mens...00:44:02
00:44:02
en niet de mens voor de sabbat.00:44:05
00:44:07
De Mensenzoon is dus ook Heer van de sabbat.00:44:12
00:44:29
Op een andere sabbat ging hij
naar de synagoge en begon te onderwijzen.00:44:35
00:44:39
Er was daar een man
met een verschrompelde rechterhand.00:44:43
00:44:46
De schriftgeleerden en de farizeeën
hielden Jezus scherp in de gaten...00:44:51
00:44:51
om te zien of hij op de sabbat iemand zou genezen.00:44:55
00:44:55
Is het toegestaan op de sabbat iemand te genezen?00:45:00
00:45:01
Ze wilden namelijk iets vinden
waarvan ze hem konden beschuldigen.00:45:05
00:45:20
Hij zei tegen de man met de verschrompelde hand:00:45:24
00:45:24
Sta op en ga in het midden staan.00:45:27
00:45:47
Is het toegestaan op de sabbat
goed te doen of kwaad te doen...00:45:52
00:45:57
een leven te redden of te doden?00:46:01
00:46:04
Maar niemand zei iets.00:46:06
00:46:10
Als je maar één schaap hebt
en dat schaap valt op de sabbat in een kuil...00:46:16
00:46:18
zou je dan geen moeite doen om het eruit te halen?00:46:23
00:46:29
Een mens is toch veel meer waard dan een schaap!00:46:34
00:46:38
Het is dus toegestaan
om op de sabbat iets goeds te doen.00:46:42
00:46:53
Steek je hand uit.00:46:55
00:47:24
Dat deed de man...00:47:26
00:47:29
en zijn hand werd weer even gezond
als zijn andere hand.00:47:33
00:48:13
Daarop gingen de farizeeën naar buiten...00:48:17
00:48:27
en ze gingen meteen
met de aanhangers van Herodes overleggen...00:48:31
00:48:36
hoe ze hem uit de weg konden ruimen.00:48:39
00:48:52
Jezus vertrok met zijn discipelen naar het meer...00:48:56
00:48:57
en een grote groep mensen
uit Galilea en Judea volgde hem.00:49:04
00:49:05
Ook uit Jeruzalem en Idumea
en van de overkant van de Jordaan...00:49:11
00:49:11
en uit de omgeving van Tyrus en Sidon...00:49:14
00:49:15
kwamen veel mensen naar hem toe
toen ze hoorden wat hij allemaal deed.00:49:20
00:49:21
Hij zei tegen zijn discipelen dat ze
een bootje voor hem klaar moesten houden...00:49:26
00:49:26
zodat hij niet door de menigte
in het gedrang zou komen.00:49:30
00:49:30
Omdat hij veel mensen had genezen...00:49:32
00:49:33
verdrongen alle mensen
met een ernstige ziekte zich rondom hem...00:49:37
00:49:37
want ze wilden hem aanraken.00:49:40
00:49:40
En telkens als de onreine geesten hem zagen,
vielen ze voor hem neer en riepen:00:49:47
00:49:47
Jij bent de Zoon van God.00:49:50
00:49:51
Maar meerdere keren zei hij nadrukkelijk tegen ze
dat ze niet bekend mochten maken wie hij was.00:49:58
00:50:06
Zo werd vervuld
wat via de profeet Jesaja was gezegd:00:50:11
00:50:11
Kijk! Mijn geliefde dienaar...00:50:15
00:50:15
die ik gekozen heb en die ik heb goedgekeurd!00:50:21
00:50:21
Ik zal hem mijn geest geven...00:50:24
00:50:24
en hij zal de volken
duidelijk maken wat gerechtigheid is.00:50:29
00:50:29
Hij zal niet ruziën of schreeuwen...00:50:33
00:50:34
en niemand zal op straat zijn stem horen.00:50:37
00:50:38
Een geknakt riet zal hij niet afbreken...00:50:42
00:50:42
en een lamp met een smeulende pit zal hij
niet doven, tot hij het recht laat zegevieren.00:50:49
00:50:51
En op zijn naam
zullen de volken hun hoop vestigen.00:50:57
00:51:10
Op een van die dagen
ging hij de berg op om te bidden...00:51:15
00:51:21
en hij bad de hele nacht tot God.00:51:26
00:51:34
Toen het dag werd,
riep hij zijn discipelen bij zich.00:51:40
00:52:10
Hij koos er 12 uit...00:52:13
00:52:16
en noemde ze apostelen.00:52:19
00:52:25
De groep van 12 die hij vormde,
bestond uit Simon...00:52:31
00:52:32
die hij ook Petrus noemde...00:52:35
00:52:43
Jakobus, de zoon van Zebedeüs...00:52:46
00:52:49
en Johannes, de broer van Jakobus...00:52:53
00:52:53
deze twee noemde hij ook Boanerges,
wat 'zonen van de donder' betekent...00:53:00
00:53:05
Andreas...00:53:06
00:53:15
Filippus...00:53:17
00:53:26
Bartholomeüs...00:53:28
00:53:41
Mattheüs...00:53:43
00:53:52
Thomas...00:53:53
00:54:01
Jakobus, de zoon van Alfeüs...00:54:05
00:54:10
Thaddeüs...00:54:12
00:54:16
Simon de Kananeeër...00:54:18
00:54:23
en Judas Iskariot...00:54:26
00:54:27
die hem later heeft verraden.00:54:30
Aflevering 4: ‘Daarvoor ben ik gekomen’
-
Aflevering 4: ‘Daarvoor ben ik gekomen’
Daarna gingen ze Kapernaüm in.
Zodra het sabbat was,
ging hij de synagoge in en begon te onderwijzen.
Ze waren diep onder de indruk
van zijn manier van onderwijzen...
want hij onderwees hen als iemand met gezag,
en niet zoals de schriftgeleerden.
Er was op dat moment een man in de synagoge
die in de macht was van een onreine geest.
En jullie zullen versteld staan.
Wat hebben we met jou te maken,
Jezus de Nazarener?
Ben je gekomen om ons te vernietigen?
Ik weet precies wie je bent:
de Heilige van God.
Wees stil...
en ga uit hem weg!
De onreine geest liet de man stuiptrekken,
schreeuwde luid...
en verliet hem.
De mensen waren allemaal zo verbaasd
dat ze tegen elkaar zeiden:
Wat is dit?
Een nieuwe leer!
Hij heeft zelfs gezag over onreine geesten
en ze gehoorzamen zijn bevelen.
Het nieuws over hem
verbreidde zich snel over heel Galilea.
Ongelooflijk!
Daarop verlieten ze de synagoge
en gingen naar het huis van Simon en Andreas...
samen met Jakobus en Johannes.
Simons schoonmoeder had hoge koorts.
En ze vroegen Jezus of hij haar wilde helpen.
Hij boog zich over haar heen.
Koorts! Ga uit haar weg!
En sprak de koorts bestraffend toe.
Waarop de koorts verdween.
Ze stond meteen op...
en ging hen bedienen.
Toen de zon onderging...
brachten de mensen hun zieken,
die aan allerlei kwalen leden, naar hem toe.
Heer, help ons.
Rabbi, alstublieft. Help me.
Alsjeblieft help me toch.
Rabbi!
-Heer, wilt u me helpen?
Rabbi!
Hij genas de zieken...
door zijn handen op elk van hen te leggen.
Zo ging in vervulling
wat via de profeet Jesaja was gezegd:
Hij heeft onze ziekten op zich genomen
en onze kwalen gedragen.
Ook gingen uit veel mensen demonen weg,
die schreeuwden:
Jij bent de Zoon van God.
Zwijg en ga uit hem weg.
Maar hij bestrafte ze
en stond hun niet toe iets te zeggen...
omdat ze wisten dat hij de Christus was.
Vroeg in de morgen, toen het nog donker was...
stond hij op en ging naar buiten...
naar een afgelegen plaats.
Daar ging hij bidden.
Heer, help ons! Doe open!
Jezus, alstublieft!
Doe open! Bent u daar?
Alstublieft, help ons toch! Heer!
Kunt u me helpen?
Het spijt me.
Maar Simon en de anderen die bij hem waren,
gingen naar hem op zoek...
en vonden hem.
Iedereen zoekt je!
Laten we ergens anders naartoe gaan...
naar de dorpen in de buurt...
zodat ik ook daar kan prediken...
want daarvoor ben ik gekomen.
Hij reisde rond door heel Galilea...
gaf onderwijs in de synagogen...
en predikte het goede nieuws van het Koninkrijk.
Ook genas hij elke ziekte
en elke kwaal onder het volk.
Het nieuws over hem
verspreidde zich in heel Syrië.
Ze brachten alle mensen bij hem
die ziek waren en pijn leden...
mensen die door demonen bezeten waren...
mensen met epileptische aanvallen en verlamden...
en hij genas hen.
Ga uit haar weg!
Je bent bevrijd.
Daarom volgden grote groepen mensen hem...
vanuit Galilea, de Dekapolis...
Jeruzalem en Judea...
en van de overkant van de Jordaan.
Hij is melaats! Onrein!
Een melaatse! Onrein!
Melaats! Onrein!
Er kwam ook een melaatse naar hem toe...
die zelfs op zijn knieën viel en hem smeekte:
Als u het alleen maar wilt...
kunt u me rein maken.
Jezus had medelijden met hem...
stak zijn hand uit...
en raakte hem aan.
Ik wil het!
Word rein.
Onmiddellijk verdween zijn melaatsheid...
en hij werd rein.
Jezus stuurde hem meteen weg
met de duidelijke waarschuwing:
Denk erom dat je het aan niemand vertelt...
maar ga je aan de priester laten zien...
en breng het offer voor je reiniging
dat Mozes heeft voorgeschreven...
als teken voor hen.
Maar eenmaal vertrokken...
ging de man het verhaal
overal breeduit rondvertellen...
zodat Jezus niet meer openlijk
een stad kon binnengaan.
Daarom bleef hij
op afgelegen plaatsen buiten de steden.
Toch bleven de mensen
van alle kanten naar hem toe komen.
Toch trok hij zich vaak
op een eenzame plaats terug om te bidden.
Na een aantal dagen kwam hij weer in Kapernaüm...
en het werd bekend dat hij thuis was.
Er verzamelden zich zoveel mensen...
dat er zelfs buiten
voor de deur geen plaats meer was...
en hij ging hun het woord bekendmaken.
Toen werd er een verlamde man bij hem gebracht,
die door vier mannen werd gedragen.
Vanwege de menigte
konden ze hem niet vlak bij Jezus brengen.
Echt, ik verzeker jullie:
er komt een tijd, en die is er al...
dat de doden de stem van de Zoon...
dat de doden...
Daarom verwijderden ze
een stuk van het dak boven Jezus' hoofd.
Nadat ze een opening hadden gegraven...
lieten ze het draagbed
waarop de verlamde man lag naar beneden zakken.
Maak hem los.
Toen Jezus hun geloof zag
zei hij tegen de verlamde:
Mijn zoon...
je zonden zijn je vergeven.
Sommige schriftgeleerden die daar zaten,
dachten bij zichzelf:
Hoe kan die man zoiets zeggen?
Hij lastert.
Niemand kan toch zonden vergeven behalve God?
Maar Jezus had meteen in de gaten
waar ze het met elkaar over hadden...
en zei tegen ze: Waarom denken jullie zo?
Wat is makkelijker?
Tegen de verlamde man te zeggen:
Je zonden zijn je vergeven...
of: Sta op, pak je draagbed op en loop?
Maar om jullie te laten zien dat de Mensenzoon
de macht heeft om op aarde zonden te vergeven.
Ik zeg je:
Sta op, pak je draagbed op en ga naar huis.
Loof Jah! Ongelooflijk!
De man stond op, pakte meteen zijn draagbed
en liep voor de ogen van iedereen naar buiten.
Ze stonden allemaal versteld en ze eerden God
en zeiden: Zoiets hebben we nog nooit gezien.
Hij ging weer naar buiten en liep langs het meer.
Er bleven grote groepen mensen naar hem toe komen,
en hij ging hen onderwijzen.
Daarna ging Jezus verder...
en bij het belastingkantoor
zag hij een man zitten die Mattheüs heette.
Hij zei tegen hem:
Wees mijn volgeling.
Hij stond op en volgde hem.
Later waren Jezus en zijn discipelen
in Levi's huis aan het eten...
en veel belastinginners
en zondaars aten met hen mee...
want velen van hen volgden hem.
De schriftgeleerden van de farizeeën zagen hem
met de zondaars en de belastinginners eten...
en zeiden tegen zijn discipelen:
Eet hij met belastinginners en zondaars?
Gezonde mensen hebben geen dokter nodig...
maar de zieken wel.
Ga en denk goed na
over de betekenis van deze woorden...
ik wil barmhartigheid...
en geen slachtoffers.
Ik ben niet gekomen...
om rechtvaardige mensen tot berouw te brengen...
maar zondaars.
Toen kwamen de discipelen van Johannes bij hem.
Waarom hebben wij en de farizeeën
de gewoonte om te vasten...
maar uw discipelen niet?
De vrienden van de bruidegom
hebben toch geen reden om te treuren...
als de bruidegom nog bij ze is?
Wie de bruid heeft, is de bruidegom.
Maar de vriend van de bruidegom...
die erbij staat en hem hoort,
is heel blij vanwege de stem van de bruidegom.
Maar er komt een tijd
dat de bruidegom bij ze wordt weggehaald.
Dan zullen ze vasten.
Niemand verstelt een oud bovenkleed
met een lap stof die nog niet gekrompen is...
want dan scheurt de nieuwe lap
van het kleed af en wordt de scheur nog groter.
Je doet toch ook geen nieuwe wijn
in oude wijnzakken?
Als je dat wel doet, barsten de wijnzakken...
loopt de wijn eruit
en worden de wijnzakken onbruikbaar.
Nieuwe wijn doe je in nieuwe wijnzakken...
dan blijven beide goed.
Niemand die oude wijn heeft gedronken,
wil nieuwe wijn...
want hij zegt: De oude is lekker.
Hij ging daarom
in de synagogen van Judea prediken.
Daarna was er een feest van de Joden,
en Jezus ging naar Jeruzalem.
In Jeruzalem is bij de Schaapspoort
een bassin met vijf zuilengangen...
dat in het Hebreeuws Bethzatha heet.
Daar lag een groot aantal zieken, blinden,
kreupelen en mensen met misvormde ledematen.
Er was daar ook een man die al 38 jaar ziek was.
Jezus zag de man liggen
en wist dat hij al heel lang ziek was.
Daarom zei hij tegen hem:
Wil je gezond worden?
Mijnheer, ik heb niemand die mij
in het bassin helpt als het water gaat bewegen.
Ik ben nauwelijks onderweg...
of een ander is me al voor.
Sta op!
Pak je mat op...
en loop.
Meteen werd de man gezond.
Hij pakte zijn mat op en begon te lopen.
Het was die dag sabbat.
Daarom zeiden de Joden
tegen de man die genezen was:
Het is sabbat, en dan mag je geen mat dragen.
Degene die me heeft genezen, zei tegen me:
Pak je mat op en loop.
Wie is de man die tegen je zei:
Pak je mat op en loop?
Maar de man die genezen was,
wist niet wie het was...
want Jezus was in de menigte verdwenen.
Later trof Jezus hem in de tempel aan...
en zei tegen hem:
Je bent weer gezond.
Zondig niet meer,
anders zal je iets ergers overkomen.
De man ging weg en vertelde de Joden dat het
Jezus was die hem gezond had gemaakt.
Het was omdat Jezus die dingen op de sabbat deed
dat de Joden hem vervolgden.
Mijn Vader is tot nu toe blijven werken...
en ik blijf werken.
Om die reden waren de Joden
er nog meer op uit om hem te doden...
niet alleen omdat hij de sabbat schond,
maar ook omdat hij God zijn eigen Vader noemde...
waarmee hij zichzelf aan God gelijk maakte.
Echt, ik verzeker jullie:
de Zoon kan niets uit zichzelf doen...
maar alleen wat hij de Vader ziet doen.
Want alles wat de Vader doet,
dat doet de Zoon op dezelfde manier.
Want de Vader is gehecht aan de Zoon
en laat hem alle dingen zien die hij zelf doet.
Hij zal hem grotere dingen laten zien dan dit,
en jullie zullen versteld staan.
Want net zoals de Vader
de doden opwekt en levend maakt...
zo maakt ook de Zoon levend wie hij wil.
Want de Vader oordeelt helemaal niemand...
maar hij heeft het hele oordeel
aan de Zoon toevertrouwd...
zodat alle mensen de Zoon eren
zoals ze de Vader eren.
Wie de Zoon niet eert...
eert de Vader niet die hem heeft gestuurd.
Echt, ik verzeker jullie:
wie mijn woorden hoort
en hem gelooft die mij heeft gestuurd...
heeft eeuwig leven.
Hij wordt niet veroordeeld
maar is van de dood overgegaan naar het leven.
Echt, ik verzeker jullie:
er komt een tijd, en die is er al...
dat de doden
de stem van de Zoon van God zullen horen...
en zij die hebben geluisterd
en gehoorzaamd, zullen leven.
Want de Vader heeft leven in zichzelf...
en heeft het mogelijk gemaakt
dat ook de Zoon leven in zichzelf heeft.
En hij heeft hem gezag gegeven om te oordelen,
omdat hij de Mensenzoon is.
Verbaas je daar niet over...
want de tijd komt dat alle mensen
die in de herinneringsgaven zijn...
zijn stem zullen horen
en te voorschijn zullen komen...
wie goede dingen hebben gedaan
tot een opstanding voor leven...
en wie walgelijke dingen hebben gedaan...
tot een opstanding voor oordeel.
Ik kan niets uit mezelf doen.
Ik oordeel naar wat ik hoor...
en mijn oordeel is rechtvaardig omdat
ik me niet laat leiden door mijn eigen wil...
maar door de wil van hem die mij heeft gestuurd.
Als alleen ik over mezelf zou getuigen,
zou mijn getuigenis niet waar zijn.
Maar er is een ander die over mij getuigt...
en ik weet dat zijn getuigenis over mij waar is.
Jullie hebben mensen naar Johannes gestuurd...
en hij heeft van de waarheid getuigd.
Niet dat ik het getuigenis
van een mens nodig heb...
maar ik zeg deze dingen
zodat jullie gered kunnen worden.
Die man was een helder brandende lamp...
en een korte tijd
wilden jullie van zijn licht genieten.
Maar ik heb een belangrijker getuigenis
dan dat van Johannes.
Het werk dat mijn Vader me heeft opgedragen...
het werk dat ik doe,
dat getuigt ervan dat de Vader mij heeft gestuurd.
En de Vader die mij heeft gestuurd,
heeft zelf over mij getuigd.
Jullie hebben zijn stem nooit gehoord...
en zijn gestalte nooit gezien...
en jullie hebben zijn woord niet in je hart,
want degene die hij heeft gestuurd geloven jullie niet.
Jullie onderzoeken de schrift omdat jullie denken
dat jullie daardoor eeuwig leven zullen hebben.
Maar juist die getuigt over mij.
En toch willen jullie niet
bij mij komen om leven te ontvangen.
Ik ben niet uit op de eer van mensen...
maar ik weet heel goed dat jullie
geen liefde voor God in jullie hebben.
Ik ben gekomen in de naam van mijn Vader...
maar jullie aanvaarden mij niet.
Als iemand anders in zijn eigen naam kwam,
zouden jullie hem wel aanvaarden.
Hoe kunnen jullie geloven als jullie
eropuit zijn om te worden geëerd door elkaar...
maar geen moeite doen
om te worden geëerd door de enige God?
Denk niet dat ik jullie
bij de Vader zal aanklagen.
Degene die jullie aanklaagt...
is Mozes...
op wie jullie je hoop hebben gevestigd.
Trouwens, als jullie Mozes zouden geloven...
zouden jullie mij geloven,
want hij heeft over mij geschreven.
Maar als jullie niet geloven
wat hij heeft geschreven...
hoe zullen jullie dan geloven wat ik zeg?
Op een sabbat...
liep Jezus door de graanvelden...
en zijn discipelen
begonnen onderweg aren te plukken.
Kijk eens!
Waarom doen ze iets wat op de sabbat verboden is?
Hebben jullie nooit gelezen wat David deed
toen hij niets te eten had...
en hij en zijn mannen honger hadden?
Volgens het verslag
over de overpriester Abjathar...
ging hij het huis van God binnen
en at van de toonbroden...
terwijl het niemand is toegestaan
daarvan te eten behalve de priesters.
En hij liet ook zijn mannen ervan eten.
Of hebben jullie niet in de wet gelezen
dat de priesters op de sabbat...
in de tempel de sabbat ontwijden
en toch onschuldig blijven?
Maar ik zeg jullie
dat hier iets groters is dan de tempel.
Als jullie de betekenis
van deze woorden hadden begrepen:
Ik wil barmhartigheid en geen slachtoffers...
zouden jullie onschuldige mensen
niet hebben veroordeeld.
De sabbat is gemaakt voor de mens...
en niet de mens voor de sabbat.
De Mensenzoon is dus ook Heer van de sabbat.
Op een andere sabbat ging hij
naar de synagoge en begon te onderwijzen.
Er was daar een man
met een verschrompelde rechterhand.
De schriftgeleerden en de farizeeën
hielden Jezus scherp in de gaten...
om te zien of hij op de sabbat iemand zou genezen.
Is het toegestaan op de sabbat iemand te genezen?
Ze wilden namelijk iets vinden
waarvan ze hem konden beschuldigen.
Hij zei tegen de man met de verschrompelde hand:
Sta op en ga in het midden staan.
Is het toegestaan op de sabbat
goed te doen of kwaad te doen...
een leven te redden of te doden?
Maar niemand zei iets.
Als je maar één schaap hebt
en dat schaap valt op de sabbat in een kuil...
zou je dan geen moeite doen om het eruit te halen?
Een mens is toch veel meer waard dan een schaap!
Het is dus toegestaan
om op de sabbat iets goeds te doen.
Steek je hand uit.
Dat deed de man...
en zijn hand werd weer even gezond
als zijn andere hand.
Daarop gingen de farizeeën naar buiten...
en ze gingen meteen
met de aanhangers van Herodes overleggen...
hoe ze hem uit de weg konden ruimen.
Jezus vertrok met zijn discipelen naar het meer...
en een grote groep mensen
uit Galilea en Judea volgde hem.
Ook uit Jeruzalem en Idumea
en van de overkant van de Jordaan...
en uit de omgeving van Tyrus en Sidon...
kwamen veel mensen naar hem toe
toen ze hoorden wat hij allemaal deed.
Hij zei tegen zijn discipelen dat ze
een bootje voor hem klaar moesten houden...
zodat hij niet door de menigte
in het gedrang zou komen.
Omdat hij veel mensen had genezen...
verdrongen alle mensen
met een ernstige ziekte zich rondom hem...
want ze wilden hem aanraken.
En telkens als de onreine geesten hem zagen,
vielen ze voor hem neer en riepen:
Jij bent de Zoon van God.
Maar meerdere keren zei hij nadrukkelijk tegen ze
dat ze niet bekend mochten maken wie hij was.
Zo werd vervuld
wat via de profeet Jesaja was gezegd:
Kijk! Mijn geliefde dienaar...
die ik gekozen heb en die ik heb goedgekeurd!
Ik zal hem mijn geest geven...
en hij zal de volken
duidelijk maken wat gerechtigheid is.
Hij zal niet ruziën of schreeuwen...
en niemand zal op straat zijn stem horen.
Een geknakt riet zal hij niet afbreken...
en een lamp met een smeulende pit zal hij
niet doven, tot hij het recht laat zegevieren.
En op zijn naam
zullen de volken hun hoop vestigen.
Op een van die dagen
ging hij de berg op om te bidden...
en hij bad de hele nacht tot God.
Toen het dag werd,
riep hij zijn discipelen bij zich.
Hij koos er 12 uit...
en noemde ze apostelen.
De groep van 12 die hij vormde,
bestond uit Simon...
die hij ook Petrus noemde...
Jakobus, de zoon van Zebedeüs...
en Johannes, de broer van Jakobus...
deze twee noemde hij ook Boanerges,
wat 'zonen van de donder' betekent...
Andreas...
Filippus...
Bartholomeüs...
Mattheüs...
Thomas...
Jakobus, de zoon van Alfeüs...
Thaddeüs...
Simon de Kananeeër...
en Judas Iskariot...
die hem later heeft verraden.
-