00:00:48
Correctie kan pijn doen.00:00:52
00:01:02
Er is geloof nodig om correctie te aanvaarden
en er iets mee te doen.00:01:08
00:01:34
Mozes.00:01:35
00:01:35
Mirjam.
Wat is het fijn je te zien.00:01:39
00:01:41
Wat heb ik je gemist.00:01:43
00:01:45
Het is tijd.00:01:47
00:01:51
Zing voor Jehovah,
want hij heeft zich hoog verheven.00:01:56
00:01:56
Paard en berijder
heeft hij in de zee geslingerd.00:02:01
00:02:10
O Jehovah, u bent hoog verheven.00:02:16
00:02:17
Alstublieft, verstoot me niet.00:02:21
00:02:49
Hoi, Mirjam.
Hallo.00:02:52
00:02:52
Iedereen in het kamp van Israël kende Mirjam.
-Goed je te zien.00:02:56
00:02:58
Ze had een hechte band
met haar twee broers, Mozes en Aäron.00:03:05
00:03:07
Tijdens de slavernij in Egypte
en de uittocht daarna...00:03:10
00:03:10
was het volk van haar gaan houden
en ze hadden respect voor haar.00:03:15
00:03:17
Wat heb je daar?00:03:21
00:03:24
Zippora is terug!
-Zippora!00:03:26
00:03:26
Welkom thuis!
-Dank je.00:03:28
00:03:31
Zippora.
-Miriam.00:03:33
00:03:33
Welkom terug.00:03:35
00:03:35
Aäron.
-Zippora, welkom.00:03:38
00:03:38
Misschien was Mirjam in het begin
wel heel blij dat Zippora terug was.00:03:43
00:03:43
Kan Zippora al een beetje wennen?00:03:45
00:03:48
Iedereen lijkt wel blij met haar komst, toch?00:03:51
00:03:54
Maar na een tijdje
liet ze blijkbaar toe dat ze trots werd.00:04:00
00:04:12
Misschien voelde ze zich bedreigd.00:04:14
00:04:14
Bedankt, Zippora.00:04:16
00:04:16
En dacht ze dat Zippora haar zou vervangen
als de meest prominente vrouw van het volk.00:04:23
00:04:26
Hoe dan ook, Mirjam en Aäron
begonnen negatief te praten.00:04:32
00:04:32
Maar ze is een Kuschitische.00:04:34
00:04:34
Ja, maar ze is wel zijn vrouw.00:04:38
00:04:38
Ja, maar ze is anders dan wij.00:04:44
00:04:44
En we weten niet welke invloed ze op hem heeft.00:04:49
00:04:49
Eerst ging het nog over Zippora.00:04:52
00:04:52
Maar al snel begonnen ze ook over Mozes te klagen.00:04:57
00:04:57
Kijk, het volk heeft leiding nodig.00:05:00
00:05:00
En ze vertrouwen ons.00:05:03
00:05:03
Mirjam, Jehovah geeft leiding aan het volk.00:05:09
00:05:13
Je luistert niet.00:05:16
00:05:21
Mirjam, wacht.00:05:23
00:05:23
Het leven hier is zwaar.00:05:24
00:05:24
Misschien heeft ze wel gelijk.
-Sommigen zijn het niet met m’n broer eens.00:05:26
00:05:26
Ze zegt dat zijn Kuschitische vrouw hem afleidt.00:05:29
00:05:29
Ik begrijp gewoon niet waar Mozes mee bezig is.00:05:31
00:05:31
Ik ben er klaar mee.
-Denk je dat Jehovah nog met ons is? 00:05:33
00:05:33
We hadden het zwaar in Egypte en hier nu ook.00:05:35
00:05:35
Ik hoorde dat Mirjam zich zorgen maakt.
-Misschien is er een betere oplossing.00:05:37
00:05:37
Mirjam zegt dat we Zippora niet kunnen vertrouwen.
-Hij begrijpt het gewoon niet.00:05:39
00:05:39
Denk je dat Mozes nog steeds geschikt is
om het volk te leiden? 00:05:42
00:05:42
Weet Mozes waar hij mee bezig is?
-Misschien wil Jehovah dat wij er iets aan doen.00:05:45
00:05:45
Waarom moeten we naar Mozes luisteren?00:05:46
00:05:46
Het volk denkt er ook zo over.
-We hadden in Egypte moeten blijven.00:05:49
00:05:49
Iemand moet wat doen.
-En wij hebben het zwaar.00:05:51
00:05:51
Ik heb geen idee waar Mozes mee bezig is.
-Er is zoveel frustratie.00:05:53
00:05:53
Ik weet het echt niet meer.
-Misschien heeft ze gelijk.00:05:55
00:05:55
Waarom moeten we naar Mozes luisteren?
-Denk je dat Jehovah nog met ons is?00:05:57
00:05:57
Laten we teruggaan.
-Misschien wil Jehovah dat wij er iets aan doen.00:05:59
00:05:59
We hadden daar moeten blijven.
-Er moet iets gebeuren.00:06:01
00:06:01
Heeft Jehovah soms alleen via Mozes gesproken?00:06:04
00:06:04
Heeft hij ook niet via ons gesproken?00:06:08
00:06:10
Ga alle drie naar de tent van samenkomst.00:06:17
00:06:32
Luister alsjeblieft naar mijn woorden.00:06:36
00:06:44
Ik spreek rechtstreeks tot mijn dienaar Mozes...00:06:49
00:06:49
en hij ziet de gestalte van Jehovah.00:06:54
00:06:54
Hoe durven jullie dan
kritiek te hebben op Mozes...00:06:59
00:06:59
mijn dienaar?00:07:01
00:07:28
Ik smeek je, mijn heer...00:07:30
00:07:30
reken ons alsjeblieft deze zonde niet aan,
we zijn dwaas geweest.00:07:35
00:07:35
Laat haar alsjeblieft niet blijven
als iemand die doodgeboren is.00:07:40
00:07:43
O God, genees haar alstublieft.00:07:48
00:07:49
Alstublieft.00:07:51
00:08:03
Laat haar zeven dagen
buiten het kamp in quarantaine doorbrengen...00:08:08
00:08:08
en daarna mag ze weer in het kamp komen.00:08:12
00:08:22
O Jehovah, u bent de Allerhoogste.00:08:27
00:08:27
U koos Mozes om het volk te leiden, en ik....00:08:30
00:08:30
ik toonde geen respect voor hem.00:08:33
00:08:33
En wilt u me alstublieft, alstublieft vergeven.00:08:40
00:08:54
Mirjam staat niet bekend om haar fouten.00:08:58
00:09:05
Zal ik een Hebreeuwse voedster halen
die het kind voor u kan voeden?00:09:10
00:09:13
Het is tijd.00:09:14
00:09:14
Jehovah zal je zegenen, en ook Aäron.00:09:18
00:09:28
Jehovah corrigeert degenen van wie hij houdt.00:09:32
00:09:32
Mirjam aanvaardde zijn correctie vol geloof.00:09:37
00:09:46
Ze kreeg opnieuw Gods goedkeuring
en bleef hem nog tientallen jaren trouw dienen.00:09:53
00:10:04
Mirjam...00:10:06
00:10:08
het is zo goed je te zien.00:10:09
00:10:09
Eeuwen later uitte Jehovah liefdevol
zijn waardering voor haar trouwe dienst.00:10:17
00:10:17
Via de profeet Micha herinnerde hij
zijn volk aan het volgende:00:10:21
Volg hun geloof na — Mirjam
-
Volg hun geloof na — Mirjam
Correctie kan pijn doen.
Er is geloof nodig om correctie te aanvaarden
en er iets mee te doen.
Mozes.
Mirjam.
Wat is het fijn je te zien.
Wat heb ik je gemist.
Het is tijd.
Zing voor Jehovah,
want hij heeft zich hoog verheven.
Paard en berijder
heeft hij in de zee geslingerd.
O Jehovah, u bent hoog verheven.
Alstublieft, verstoot me niet.
Hoi, Mirjam.
Hallo.
Iedereen in het kamp van Israël kende Mirjam.
-Goed je te zien.
Ze had een hechte band
met haar twee broers, Mozes en Aäron.
Tijdens de slavernij in Egypte
en de uittocht daarna...
was het volk van haar gaan houden
en ze hadden respect voor haar.
Wat heb je daar?
Zippora is terug!
-Zippora!
Welkom thuis!
-Dank je.
Zippora.
-Miriam.
Welkom terug.
Aäron.
-Zippora, welkom.
Misschien was Mirjam in het begin
wel heel blij dat Zippora terug was.
Kan Zippora al een beetje wennen?
Iedereen lijkt wel blij met haar komst, toch?
Maar na een tijdje
liet ze blijkbaar toe dat ze trots werd.
Misschien voelde ze zich bedreigd.
Bedankt, Zippora.
En dacht ze dat Zippora haar zou vervangen
als de meest prominente vrouw van het volk.
Hoe dan ook, Mirjam en Aäron
begonnen negatief te praten.
Maar ze is een Kuschitische.
Ja, maar ze is wel zijn vrouw.
Ja, maar ze is anders dan wij.
En we weten niet welke invloed ze op hem heeft.
Eerst ging het nog over Zippora.
Maar al snel begonnen ze ook over Mozes te klagen.
Kijk, het volk heeft leiding nodig.
En ze vertrouwen ons.
Mirjam, Jehovah geeft leiding aan het volk.
Je luistert niet.
Mirjam, wacht.
Het leven hier is zwaar.
Misschien heeft ze wel gelijk.
-Sommigen zijn het niet met m’n broer eens.
Ze zegt dat zijn Kuschitische vrouw hem afleidt.
Ik begrijp gewoon niet waar Mozes mee bezig is.
Ik ben er klaar mee.
-Denk je dat Jehovah nog met ons is?
We hadden het zwaar in Egypte en hier nu ook.
Ik hoorde dat Mirjam zich zorgen maakt.
-Misschien is er een betere oplossing.
Mirjam zegt dat we Zippora niet kunnen vertrouwen.
-Hij begrijpt het gewoon niet.
Denk je dat Mozes nog steeds geschikt is
om het volk te leiden?
Weet Mozes waar hij mee bezig is?
-Misschien wil Jehovah dat wij er iets aan doen.
Waarom moeten we naar Mozes luisteren?
Het volk denkt er ook zo over.
-We hadden in Egypte moeten blijven.
Iemand moet wat doen.
-En wij hebben het zwaar.
Ik heb geen idee waar Mozes mee bezig is.
-Er is zoveel frustratie.
Ik weet het echt niet meer.
-Misschien heeft ze gelijk.
Waarom moeten we naar Mozes luisteren?
-Denk je dat Jehovah nog met ons is?
Laten we teruggaan.
-Misschien wil Jehovah dat wij er iets aan doen.
We hadden daar moeten blijven.
-Er moet iets gebeuren.
Heeft Jehovah soms alleen via Mozes gesproken?
Heeft hij ook niet via ons gesproken?
Ga alle drie naar de tent van samenkomst.
Luister alsjeblieft naar mijn woorden.
Ik spreek rechtstreeks tot mijn dienaar Mozes...
en hij ziet de gestalte van Jehovah.
Hoe durven jullie dan
kritiek te hebben op Mozes...
mijn dienaar?
Ik smeek je, mijn heer...
reken ons alsjeblieft deze zonde niet aan,
we zijn dwaas geweest.
Laat haar alsjeblieft niet blijven
als iemand die doodgeboren is.
O God, genees haar alstublieft.
Alstublieft.
Laat haar zeven dagen
buiten het kamp in quarantaine doorbrengen...
en daarna mag ze weer in het kamp komen.
O Jehovah, u bent de Allerhoogste.
U koos Mozes om het volk te leiden, en ik....
ik toonde geen respect voor hem.
En wilt u me alstublieft, alstublieft vergeven.
Mirjam staat niet bekend om haar fouten.
Zal ik een Hebreeuwse voedster halen
die het kind voor u kan voeden?
Het is tijd.
Jehovah zal je zegenen, en ook Aäron.
Jehovah corrigeert degenen van wie hij houdt.
Mirjam aanvaardde zijn correctie vol geloof.
Ze kreeg opnieuw Gods goedkeuring
en bleef hem nog tientallen jaren trouw dienen.
Mirjam...
het is zo goed je te zien.
Eeuwen later uitte Jehovah liefdevol
zijn waardering voor haar trouwe dienst.
Via de profeet Micha herinnerde hij
zijn volk aan het volgende:
-