JW subtitle extractor

David DeGuzman: Zullen ze onder de indruk zijn? 159ste Gileadgraduatie

Video Other languages Share text Share link Show times

Zullen ze onder de indruk zijn?
Dat was een vraag die Jezus wilde beantwoorden.
Toen hij naar de aarde kwam had hij één doel:
zijn Vader Jehovah eren.
Wat wil dat precies zeggen?
In de Bijbel kan het woord
dat met eer is vertaald...
duiden op alles wat iemand indrukwekkend maakt.
Jezus was nooit onder de indruk van zichzelf.
Hij was onder de indruk van z’n Vader.
Hij was zo onder de indruk
van z’n Vaders liefde en goedheid...
dat hij wilde dat anderen
ook zo over Hem zouden gaan denken.
Hoe zorgde hij daarvoor?
En wat kunnen we van hem leren?
In Romeinen staat één manier waarop hij dat deed.
Kijk maar eens in hoofdstuk 15.
En daar kun je lezen hoe hij God de eer gaf.
In Romeinen 15:7 staat:
Aanvaard elkaar dus,
zoals ook de Christus jullie heeft aanvaard...
zodat God wordt geëerd.
Mooi hè?
Jezus eerde Jehovah door de manier
waarop hij met mensen omging.
Jezus behandelde anderen op zo’n manier
dat ze Jehovah’s goedheid...
zijn vrijgevigheid en zijn barmhartigheid
konden ervaren.
Jehovah is bereid iedereen te aanvaarden
die graag een band met hem wil hebben.
Hij is bereid alle soorten mensen te aanvaarden.
Dat zit opgesloten
in het Griekse woord voor aanvaarden.
Het brengt de gedachte over
van welwillend of gastvrij ontvangen.
In zijn huis of vriendenkring opnemen.
Door de manier waarop Jezus mensen aanvaardde,
voelden ze dat Jehovah van ze hield.
In de Bijbel staat meerdere keren
dat als mensen met Jezus waren omgegaan...
ze daarna God gingen prijzen.
Oftewel: ze waren onder de indruk van Jehovah.
Hoe ging Jezus dan precies met mensen om?
Laten we eens kijken naar twee verslagen
en wat we ervan kunnen leren.
Als we laten zien dat we anderen aanvaarden,
raken mensen onder de indruk van Jehovah.
Het eerste verslag staat in Markus 10.
Zoek dat alsjeblieft eens met me op.
Markus 10.
Jezus heeft het hier heel druk.
Het is kort voordat hij
z’n leven zou geven voor ons...
en hij heeft net een heftige discussie gehad
met de farizeeën en z’n discipelen.
En dan gebeurt er iets
wat heel vervelend kan lijken.
Kijk eens in Markus 10:13:
De mensen kwamen kinderen bij hem brengen
zodat hij ze zou aanraken...
maar de discipelen wezen hen terecht.
Of zoals een andere vertaling zegt:
De discipelen zeiden: Val hem niet lastig.
De discipelen waren natuurlijk
geen slechte mannen.
Ze begrepen gewoon nog niet zo goed
hoe Jehovah over kinderen denkt.
Sommige mensen bezagen kinderen in die tijd
als niet belangrijk.
Ze hadden geen hoge positie in de maatschappij.
Er werd gedacht dat ze niks te bieden hadden.
Maar wat vond Jezus eigenlijk
van wat z’n discipelen deden?
Hij was er niet blij mee.
In vers 14 staat dat hij verontwaardigd was.
Jezus liet zien dat Jehovah’s liefde
heel groot is.
Kijk eens hoe hij reageert
in vers 16:
Hij sloeg zijn armen om de kinderen heen
en zegende ze...
terwijl hij zijn handen op ze legde.
Wat een mooi verslag.
Misschien is het een van je favorieten.
Dus we zien hier dat tegen de kinderen
wordt gezegd dat ze weg moeten gaan.
Maar nu worden ze hartelijk welkom geheten
door Gods Zoon.
Een naslagwerk zegt over Jezus:
Hij moet gemakkelijk geglimlacht
en blij gelachen hebben.
Jij zou toch ook naar Jezus toe zijn gerend?
Zelfs in de korte tijd die hij nog had,
hij had niet lang meer te leven...
was hij heel hartelijk.
Hij nam de tijd voor kinderen.
Hij had echt aandacht voor ze.
Hij zorgde ervoor dat ze voelden
dat Jehovah van ze hield.
Denk er eens over na wat dat
voor die kinderen moet hebben betekend.
Als ze Jehovah trouw zijn gaan dienen...
zijn ze waarschijnlijk
in Jehovah’s vriendenkring in de hemel...
klaar om Jehovah voor ons nog
indrukwekkender te maken met Armageddon.
Wat is de les?
Na Gilead zul je het heel druk krijgen.
Net als wat Jezus meemaakte:
veel verantwoordelijkheden...
en veel dingen om je zorgen over te maken.
En terwijl je het zo druk hebt,
krijg je altijd te maken met mensen.
Sommigen voelen zich misschien
net als die kinderen.
Ze denken dat ze niet belangrijk zijn.
Ze zijn niet op Gilead geweest of naar de SKP.
En ondertussen vragen ze zich misschien af
of ze wel een plek hebben in Jehovah’s huis.
Op zulke momenten...
kunnen we ze helpen
om onder de indruk te raken van Jehovah.
Door ze net als Jezus te laten zien
dat we ze aanvaarden.
Als je glimlacht en echt even de tijd neemt
om een gesprekje met ze te hebben...
kun je laten zien dat ze echt thuishoren
in Jehovah’s vriendenkring.
Ze zijn belangrijk voor Jehovah.
Voelde jij je op Gilead als een klein kind?
En zei iemand toen tegen je
dat je uitnodiging echt geen vergissing was?
En heb je Jehovah bedankt voor die geruststelling?
Dat is de kracht van mensen aanvaarden
zoals Jezus deed.
Nu het tweede verslag.
Zoek Lukas 23 eens op.
Hier hangt Jezus aan de martelpaal.
Er zijn nu geen kinderen bij hem,
maar twee misdadigers die naast hem hangen.
Ze beginnen hem belachelijk te maken.
Ze praten zelfs spottend tegen Jezus.
Maar dan gebeurt er iets onverwachts
in Lukas 23:42.
Eén van de misdadigers verandert ineens
en zegt het volgende:
Jezus, denk aan mij
wanneer je in je Koninkrijk bent.
Wat een aparte situatie.
Het leven van iedereen
ligt als een zware last op Jezus’ schouders.
Als iemand reden had om zich terug te trekken,
de deur achter zich dicht te doen...
en een bordje niet storen op te hangen,
om zich te focussen...
was het Jezus wel.
Hoe zou deze man
onder de indruk raken van Jehovah?
Door een soort uitnodiging die Jezus deed
aan het eind van vers 43.
Hij zei: Jij zult met mij in het paradijs zijn.
Wat een mooie reactie.
Wie had dat gedacht?
Jezus zei niet gewoon: Wees maar niet bang,
je zult in het paradijs zijn.
Nee, hij zei: Jij zult met mij
in het paradijs zijn.
Jezus beloofde aan deze man persoonlijk
dat hij hem niet zou vergeten.
En dat hij zou worden opgenomen
in Jehovah’s vriendenkring op aarde.
Wat Jezus zei veranderde de omstandigheden
van de man niet...
maar het veranderde z’n vooruitzichten.
Z’n benen zouden gebroken worden,
maar niet z’n hart.
Hij zou sterven,
maar in het paradijs weer leven.
Wat is de les?
Door Gilead zullen je persoonlijke problemen
niet verdwijnen.
Het kan zelfs zijn dat je het na Gilead
nog moeilijker krijgt...
vanwege een nieuw land,
een nieuwe taal, een nieuwe toewijzing.
Of jij of een van je dierbaren kan ziek worden.
En net zoals Jezus meemaakte,
krijg je terwijl je het zelf zo zwaar hebt...
te maken met mensen
die het ook zwaar hebben.
En sommigen kunnen het gevoel hebben
dat ze er niet toe doen.
Of dat niemand aan ze denkt.
Misschien schamen ze zich voor hun verleden.
Of misschien vechten ze tegen een zwakheid
die ze emotioneel uitput.
Op zulke momenten kunnen we ze helpen
om onder de indruk te raken van Jehovah.
Met goedgekozen woorden kunnen we ze
ervan verzekeren dat ze niet alleen zijn.
Maar dat wij het ook zwaar hebben, net als zij.
En dat Jehovah ons niet vergeten is.
Wat we zeggen zal hun omstandigheden
niet veranderen, maar het zal ze hoop geven.
Het zal ze het vertrouwen geven dat ze
een plek hebben in Jehovah’s vriendenkring.
Dat waren twee prachtige verslagen
over hoe Jezus Jehovah eerde.
Wij zijn natuurlijk niet Jezus.
We kunnen niet aan hem tippen.
Dus het lukt helaas niet altijd om anderen
te aanvaarden zoals we zouden willen.
Maar we kunnen hetzelfde doel hebben als Jezus.
Mensen zo behandelen
dat het eer geeft aan Jehovah.
Of Jezus het nou druk had of beproefd werd,
hij behandelde iedereen...
van kleine kinderen tot iemand die
alleen maar wilde dat hij aan hem dacht...
op een manier waardoor ze
onder de indruk raakten van Jehovah.
Als samenvatting is het interessant
hoe één vertaling Romeinen 15:7 weergeeft:
Dus doe je best om anderen
te verwelkomen tot eer van God.
Jezus deed dat.
En nu moeten jullie het doen.