JW subtitle extractor

Unieke Bijbelvertaling teruggevonden

Video Other languages Share text Share link Show times

Dit is Birmingham, waar ooit de bekende wetenschapper
en predikant Joseph Priestley woonde.
In 1789 begon Priestley samen
met een groep getalenteerde personen...
te werken aan een nieuwe vertaling van de Bijbel
in het Engels.
Er werd zo’n 200 jaar lang gedacht
dat dit project mislukt was...
en dat al het werk verloren was gegaan.
Wat maakte deze vertaling anders?
En waarom is hij nooit gepubliceerd?
We hebben met verschillende geleerden gesproken...
om meer over Priestley
en zijn vertaalproject te weten te komen.
We kennen hem vooral als wetenschapper
vanwege zijn onderzoek naar elektriciteit en gassen...
vooral zijn bijdrage aan het ontdekken
van de eigenschappen van zuurstof.
Joseph Priestley was een buitengewoon kundig man.
We kennen hem nu vooral als wetenschapper...
maar dat is niet hoe hij zelf
herinnerd zou willen worden.
Hij had graag herinnerd willen worden
als predikant, als theoloog.
Die dingen waren zijn grootste passie.
Het was een man die heel makkelijk talen leerde.
Hij had een ongelooflijk goed geheugen,
en hij was een enorm harde werker.
Hij leerde al op jonge leeftijd Hebreeuws,
waarschijnlijk toen hij een jaar of 15 was.
Daarnaast leerde hij ook nog Grieks en Latijn.
En hij leerde de belangrijkste Semitische talen
die je in die tijd kon leren.
Hij heeft heel veel aan die talenkennis gehad
bij zijn onderzoek naar de tekst van de Bijbel...
want hij kon kijken
wat er in de King James Version stond...
en dat vergelijken
met de tekst in de oorspronkelijke talen.
Er waren verschillende manuscripten
van zowel de Hebreeuwse tekst als de Griekse tekst...
die nu beschikbaar waren en waaruit bleek dat de tekst
waarop de King James Version gebaseerd was...
niet de enige versie was die er bestond.
De King James Version is een hele fijne vertaling
om te lezen...
maar ik denk dat het wel duidelijk is
dat het geen perfecte vertaling is...
want er zijn dingen verkeerd vertaald
en er zijn dingen toegevoegd.
Priestley was een onafhankelijke denker,
die op zoek was naar de waarheid.
En er was één waarheid die hij het allerbelangrijkst vond...
namelijk dat volgens de Bijbel de almachtige God
en Jezus niet dezelfde zijn.
In 1783 publiceerde hij dit pamflet, waarin staat:
De Bijbel leert dat er maar één God is,
die zelf de maker en bestuurder van alle dingen is.
En dat hij de enige is die we moeten aanbidden.
Hij heeft Jezus Christus uitgezonden
om de mensheid te onderwijzen.
Hij heeft hem de kracht gegeven om wonderen te doen,
hem uit de dood opgewekt...
en hem alle macht gegeven
die hij ooit heeft gehad, of nu bezit.
Priestley vond dat de King James Version
dit onderscheid tussen God en Christus liet vervagen.
Daarom nam hij in 1787
contact op met zijn beste vriend...
de predikant Theophilus Lindsey.
Lindsey was eerst een anglicaanse geestelijke...
maar geleidelijk begon hij vraagtekens te zetten
bij leerstellingen zoals de drie-eenheidsleer.
Lindsey begon hetzelfde over theologische onderwerpen
te denken als hoe Priestley erover dacht.
Priestley schreef aan Lindsey:
Het doet me goed dat je positief staat tegenover
het idee van een nieuwe Bijbelvertaling.
Ik denk dat het geen onmogelijke onderneming is.
Als jij het Nieuwe Testament doet,
doe ik het Oude Testament.
Ik denk dat we het binnen drie jaar kunnen afronden.
Dit project in drie jaar afronden
was een heel ambitieus doel.
Aan de King James Version hadden 47 geleerden
zeven jaar gewerkt.
Dus Priestley en Lindsey gingen
samen met twee andere geleerden...
aan de slag met de planning van het project.
Het idee was om de King James Version te verbeteren...
door alleen de passages te veranderen
die niet nauwkeurig genoeg waren.
De groep sprak een aantal vertaalprincipes af
waaraan ze zich zouden houden tijdens het project.
Een van die principes zou deze vertaling...
anders maken dan elke andere Bijbelvertaling
die ooit in het Engels was gepubliceerd.
En misschien was dit überhaupt wel
de eerste vertaling die dit deed.
Het was een eenvoudig principe.
Ze zouden in het Oude Testament
Gods naam waar die in het Hebreeuws voorkomt...
weergeven als Jehovah in plaats van het woord Heer...
en in het Nieuwe Testament
de naam Jehovah gebruiken...
waar dat maar nodig was
om God te onderscheiden van Christus.
Dit vertaalprincipe was geen nieuw idee.
Ik heb hier een boek van Hopton Haynes.
Zo’n 40 jaar voor Priestleys vertaalproject
had Haynes dezelfde aanpak voorgesteld.
Haynes geloofde dat in de King James Version...
het oorspronkelijke woord Jehovah
onvertaald had moeten blijven...
en hij geloofde dat als het woord Jehovah
zou zijn gebruikt in het Nieuwe Testament...
waar het woord Heer heel vaak in voorkomt...
het makkelijker zou zijn geweest
om het verschil te zien...
tussen de Heer onze God
en onze Heer en Meester Christus.
Priestleys team was het daarmee eens.
Ze begrepen dat ze meer hulp nodig hadden.
Dus begonnen ze andere geleerden te benaderen.
Weinigen gingen hierop in.
En dat was niet verrassend.
In het Engeland van de 18de eeuw aan
een nieuwe Bijbelvertaling werken, was niet alleen ambitieus.
Het kon zeer gevaarlijk zijn.
In die periode aan een vertaling werken,
was voor veel mensen een gevoelig onderwerp.
Een aantal mensen waren begonnen aan vertalingen,
maar die maakten ze vaak niet af.
De King James Version was het fundament van de anglicaanse kerk.
Dit was de vertaling die de kerk had geautoriseerd.
Het was de vertaling waar de kerk haar leerstellingen op baseerde.
Dus als je beweerde
dat de vertaling niet goed genoeg was...
en je dan met een nieuwe vertaling kwam...
kwam je eigenlijk met nieuwe theologische ideeën...
en leek het alsof je inging
tegen de anglicaanse kerk.
Binnen drie maanden kregen ze hulp aangeboden
van geleerden met soortgelijke ideeën.
Eén van hen had talenten die heel nuttig zouden blijken:
Robert Edward Garnham.
We zijn in Cambridge, en we hebben dr. Nicolas Bell
en dr. Chris Reid gevraagd...
om ons meer over Garnham en zijn werk te vertellen.
Robert Garnham kwam in 1769 op 16-jarige leeftijd
aan het Trinity studeren.
Een jaar later kreeg hij een studiebeurs aangeboden...
en na verloop van tijd
werd hij een fellow van het Trinity College.
Hij zal vaak hier hebben gewerkt,
in de Wren Library van het Trinity College.
In de tijd van Garnham was de bibliotheek
waarschijnlijk nog niet helemaal vol...
maar meer dan de helft
van de collectie zal hebben bestaan...
uit versies van de Bijbel,
Bijbelcommentaren en dat soort werken.
Dus hij had in één gebouw
alle nodige hulpmiddelen voorhanden...
voor een diepgaande studie van theologische onderwerpen,
wat natuurlijk een groot voordeel was.
Priestley en Lindsey waren heel blij
met zijn bijdrage aan het project...
omdat het een enorm intelligent persoon was.
Maar daarnaast was hij ook nog
gewoon een hele harde werker.
Ik vind het heel bijzonder om te zien...
dat deze man zo’n diepgaande studie heeft gemaakt
van de Bijbel, van de tekst van de Bijbel.
Ik denk dat dat een heel belangrijke ontdekking is.
Garnham werkte onopvallend, maar hij werkte ook snel.
Hij voltooide zijn oorspronkelijke taak,
het vertalen van de brieven in het Nieuwe Testament...
en nam daarna nog meer werk op zich.
Op 25 november 1789 schreef Priestley
in een brief aan Lindsey:
De heer Garnham is een waardevol lid van onze groep.
Tegen een ander lid van het team zei Lindsey later:
Niemand werkt zo hard als de heer Garnham.
De verbeterde Bijbelvertaling waar Priestley
en zijn team op hoopten, was al bijna klaar.
Maar toen braken de Birminghamrellen
van 1791 uit.
Die rellen behoorden tot de gewelddadigste
die het 18de-eeuwse Groot-Brittannië heeft gekend.
Priestley en andere non-conformisten hadden
niet alleen controversiële politieke ideeën...
ze hadden ook de leerstellingen van de kerk
openlijk ter discussie gesteld.
Dat maakte ze tot een doelwit van anglicaanse geestelijken,
die hen als een bedreiging zagen.
Het geweld hield vier dagen aan.
Meerdere relschoppers kwamen om en veel gebouwen
werden verwoest, waaronder het huis van Priestley.
Priestleys huis brandde volledig af.
Hij kon zelf op tijd wegkomen,
maar z’n papieren werden letterlijk uit het raam gegooid.
Al zijn manuscripten, zijn boeken,
er leek niks over te zijn van zijn vertaling.
Priestley verliet Engeland in 1794
en verhuisde naar de Verenigde Staten.
Hij was geografisch, sociaal en cultureel geïsoleerd.
Hij zat in een heel moeilijke situatie.
Nu Priestley zonder bibliotheek en zonder team zat...
had hij geen andere keus
dan te stoppen met zijn vertaalproject.
Hij is er nooit meer mee verdergegaan.
Maar hoe zat het met Garnham en zijn vertaalwerk?
Voor het antwoord op die vraag
moeten we in Londen zijn.
Garnham was heel voorzichtig
en had zijn vele geschriften alleen anoniem gepubliceerd.
Nadat relschoppers Priestleys huis hadden verwoest
en het project was stopgezet...
besloot Garnham zijn werk niet te publiceren.
In de daaropvolgende jaren veranderde
Garnhams kijk op de Bijbel...
en geleidelijk verloor hij zijn geloof.
Hij stierf in 1802 op 49-jarige leeftijd.
Maar gebeurde er met zijn vertaalwerk?
Zijn er manuscripten bewaard gebleven?
Meer dan 200 jaar lang leek het erop van niet.
Maar begin 2017 deden onderzoekers
een onverwachte ontdekking...
in de Dr. Williams’s Library
in het centrum van Londen.
Wat vonden ze daar precies?
Twee sets manuscripten in goede staat...
die samen bijna het hele Nieuwe Testament omvatten.
De ene was een kladversie
en de andere een meer afgewerkte versie.
Op één van de sets stonden duidelijk
de initialen R.E.G., Robert Edward Garnham.
Toen wetenschappers deze
pas ontdekte manuscripten onderzochten...
beseften ze dat ze iets unieks hadden gevonden:
voor zover bekend het enige nog bestaande manuscript
van Priestleys vertaalproject.
Naar mijn mening is het heel ongebruikelijk
om een manuscript zoals dit te vinden...
omdat er sowieso niet veel van bewaard zijn gebleven.
Om die reden vind ik het heel bijzonder.
Garnhams vertaling was in meerdere opzichten uniek.
Veel bekende verzen werden
op een nieuwe, frisse manier weergegeven.
Waar de King James Version zegt
dat ‘de gehele wereld in het boze ligt’...
zegt Garnhams vertaling: ‘de gehele wereld
is in de macht van de Tegenstrever’.
Garnham gebruikte niet het woord hel.
In plaats daarvan vertaalde hij het Griekse woord Hades
met ‘het Graf’.
Maar misschien wel het meest bijzondere is
dat Garnham de naam Jehovah gebruikte.
De King James Version zegt: Gij zult de Heere,
uw God, liefhebben met geheel uw hart.
Maar Garnham schreef: Gij zult Jehovah,
uw God, liefhebben met geheel uw hart.
Terwijl andere vertalingen Gods naam
maar een paar keer gebruiken...
volgde Garnham de vertaalafspraken van het team...
en gebruikte hij de naam Jehovah
zo’n 200 keer in het Nieuwe Testament.
We waren er altijd van uitgegaan
dat zijn vertaling verloren was gegaan.
Dus toen we Garnhams vertaling van het Nieuwe Testament
tussen zijn papieren vonden in onze collectie...
was dat een openbaring, een grote verrassing.
We zijn heel enthousiast
over de manuscripten in de Dr. Williams’s Library.
Dit was een vertaling gemaakt door echte Bijbelgeleerden,
kenners van het Hebreeuws en Grieks.
Dit is bijzonder fascinerend
en verdient de aandacht van een breder publiek.
Het werk dat Garnham heeft nagelaten...
werpt licht op een bijzonder hoofdstuk
in de geschiedenis van de Bijbel:
een 18de-eeuwse Engelse vertaling van het Nieuwe Testament...
die als hij was gepubliceerd,
echt baanbrekend zou zijn geweest.